|
LEERDOEL ROMEINEN
JE KUNT HERKENNEN WAT BIJ DE ROMEINEN HOORT.
d. (samenleven:) Hoe dachten ze over verschillen
tussen mensen?
Hoe dachten ze over verschillen tussen mensen in hun
eigen samenleving?
- De Romeinen deelden mensen
in naar de mate van vrijheid en onafhankelijkheid. Er waren 4 soorten:
Beschermheer (patrónus): vrije rijke
romein: -
vrij, rijk, had burgerrechten, sommigen konden senator of zelfs consul
worden, hij had als beschermeer een aantal beschermelingen onder zich en
hij had veel slaven.
Beschermeling (cliënt): vrije eenvoudige
romein: -
vrij, had burgerrechten, sommigen verdienden best goed, anderen waren
arm/werkloos, hij was beschermeling dus hij was afhankelijk van zijn
beschermheer, hij had soms slaven als hij dat kon betalen.
Vrijgelatene: - vrij, maar hij had geen
burgerrechten, sommigen verdienden best goed, anderen waren arm/werkloos,
hij was beschermeling van zijn beschermheer (zijn oude eigenaar), hij had
soms slaven als hij dat kon betalen.
Slaaf: - onvrij: eigendom van vrije
romein, had geen burgerrechten, sommigen hadden zeer zwaar en vies werk,
anderen licht en prettig werk.
Hoe dachten ze over andere samenlevingen?
- De Romeinen keken neer op volken
die minder ontwikkeld of machtig waren. Die moesten doen wat de Romeinen
wilden. Van de Grieken hadden ze veel overgenomen op het gebied van kunst
en wetenschap. De Grieken werden daarom bewonderd.
|