| CONTEXT:
1 (liefst in afsluitbare glazen kruidenpotjes zonder etiket:) - kruidnagelen - witte/zwarte peperkorrels - hele nootmuskaatballen - ongemalen foelie 2 Een stapel van minimaal 15 Allerhandes of andere tijdschriften met recepten. 3 Een stuk Indische Spekkoek (te koop bij Indische Toko of supermarkt) |
|
INTRO: (10 min) (Aandachtrichter:) - Laat enkele leerlingen een stuk indische spekkoek proeven (of ruiken) en vraag waaraan het hen doet denken. - Produkten die ze noemen op het bord schrijven (de leerlingen noemen speculaas, peperkoek, pepernoten, e.d.). - Samen met de leerlingen vaststellen dat zij eigenlijk aan typisch Nederlandse produkten denken, maar dat dit eigenlijk een typisch Indische smaak is die te maken heeft met Indische specerijen die als gevolg van de overzeese handel heel Nederlands zijn geworden. - Vertellen dat er nog veel meer produkten zijn die je misschien heel gewoon of zelfs typisch Nederlands vindt, terwijl ze eigenlijk aan de overzeese handel te danken zijn. Op die manier naar het lesdoel toepraten en op het bord schrijven:
Lesdoel: Uitleggen hoe de overzeese handel ons eten heeft beïnvloed: Lesonderdelen meedelen (bij klassen die veel structuur nodig hebben op bord schrijven met tijd erbij): |
|
INTERACTIEVE UITLEG OVER SPECERIJEN UIT OOST-INDIË (10 min) - Specerijen aan enkele leerlingen uit verschillende rijen geven en nadat ze diverse tafles zijn langs gegaan en de leerlingen eraan hebben geroken, vragen welke specerijen het zijn. Na evt. hulp uiteindelijk op het bord schrijven:
Specerijen uit Oost-Indië:
|
|
ZELFSTANDIG WERKEN: (15 min) - Allerhandes uitdelen (een per tafel) en de volgende opdracht op bord schrijven: Opdracht: Schrijf voor zo veel mogelijk recepten op: |
|
GEZAMENLIJK ANTWOORDEN OPSCHRIJVEN: (10 min) Op bord alvast West-Indië en Oost-Indië naast elkaar schrijven zodat twee kolommen ontstaan. Leerlingen ingrediënten laten noemen en bij een van de kolommen onderbrengen. NB: afhankelijk van de recepten, maar in veel gevallen zullen de volgende produkten er wel op komen te staan:
Conclusie: via handel op West-Indië zijn er vooral veel nieuwe vruchten bijgekomen. Via handel op Oost-Indië vooral specerijen. |