( leerlingenwerkwijzer)
HOE MAAK JE EEN MIDDELEEUWS BOERENDOBBELSPEL?
Wat kon een boerenfamilie rond het jaar 900 allemaal overkomen? Om hierop een antwoord te krijgen, kun je een soort ganzenbordspel maken. Daarvoor bedenk je dan allemaal situaties die in de vroege middeleeuwen voorkwamen. Zo kunnen de spelers even terugreizen in de tijd...
Hieronder staat hoe je dat kunt doen.
|
OVERZICHT VAN DE LESSEN:
Les 1: groepjes maken en zelf geluk- en pechsituaties zoeken
Les 2: spel bedenken en bord maken
Les 3: spel afmaken
Les 4: spellen ruilen, elkaars spellen spelen en beoordelen |
|
LES 1: GROEPJES MAKEN EN ZELF GELUK- EN PECHSITUATIES ZOEKEN
STAPPEN VOOR DEZE LES:
1 Groepjes maken (5 min.):
A In overleg met je docent worden groepjes van 4 leerlingen gemaakt
B Geef elk groepslid een eigen cijfer van 1 t/m 4
C schrijf je klas, de groepsnamen en cijfers in het logboek (zie het schema bij les 1 van het logboek).
2 Pech- en geluksituaties zoeken (20 min):
Wanneer waren de mensen blij en wanneer viel het leven tegen? Daarvoor kun je allerlei geluk- en pechsituaties opzoeken in je boek. Als je ze kort en helder opschrijft, kun je ze later gemakkelijk in je spel verwerken. Doe het zo:
A Verdeel de paragrafen die jullie nog niet bestudeerd hebben en schrijf dat in de eerste kolom na de namen in het logboek:
- groepslid 1 doet 4
- groepslid 2 doet 5
- groepslid 3 doet 6 en A
- groepslid 4 doet B en C
B Lees je paragraaf en bedenk daarna tenminste:
- 2 gelukkige gebeurtenissen die bij de paragraaf horen
- 2 ongelukkige gebeurtenissen die bij de paragraaf horen. Let ook op gebeurtenissen die je uit de opdrachten of de werkbladen kunt halen!
- Schrijf ze netjes op een proefwerkblaadje. Zet erboven je naam, je klas en de paragraaf. Maak een apart kopje 'geluk' en 'pech'. Belangrijk: zet erbij bij welke paragraaf de situaties horen. Dus bijvoorbeeld bij 'Je brood verdienen' of 'Samen leven', enz. Dat moet straks in het spel namelijk ook!
3 Pech- en geluksituaties uitwisselen (10 min):
A Lees om de beurt je pech- en geluksituaties voor aan de rest van de groep. Begin bij groepslid 1. Het volgende groepslid is voorzitter (houd tijd en orde in de gaten). De anderen luisteren en vullen aan of verbeteren als de situatie onduidelijk is. Vervolgens leest groepslid 2 en is 3 de voorzitter, enz.
B Neem je eigen materiaal mee naar huis en vergeet het volgende keer niet mee te nemen.
4 Huiswerk verdelen en logboek invullen (5 min):
Ook uit de paragrafen die je al gemaakt hebt, kun je pech- en gelukssituaties halen.
A Verdeel de bestudeerde stof alsvolgt over de groepsleden:
- groepslid 1 doet verhaal op p 137-139
- groepslid 2 doet par. 1
- groepslid 3 doet par. 2
- groepslid 4 doet par. 3
B Schrijf het huiswerk in je agenda en in het logboek. Beantwoord ook de algemene vragen uit het logboek voor les 1. |
|
LES 2: SPEL BEDENKEN EN BORD MAKEN
STAPPEN VOOR DEZE LES:
1 Pech en geluksituaties (huiswerk) uitwisselen (10 min):
A Lees om de beurt je pech- en geluksituaties voor aan de rest van de groep. Begin bij groepslid 4. Het volgende groepslid is voorzitter, doe het net als in de vorige les.
2 Spel bedenken (30 min):
A Overleg maximaal 10 minuten met elkaar over de vragen die bij les 2 in het logboek staan. Schrijf de antwoorden onder de vragen. Kies nu zelf een voorzitter die iedereen om de beurt aan het woord laat!
B Verdeel zelf de volgende taken en vul ze in op het schema:
- Intekenen van het bord (vakken maken, tekeningen, enz.)
- Opschrijven van geluk- en pechsituaties op het spelbord of op kaartjes. Let op: zet er telkens bij bij welke paragraaf de situaties horen.
- hoe kom je aan pionnen en dobbelstenen?
TIP: Als meer groepsleden hetzelfde willen doen, laat elk groepslid ongeveer even lang iets doen en wissel dan van taak.
3 Huiswerk afspreken (5 min):
De volgende les is de laatste waarop je aan het spel kunt werken. Bedenk of jullie meer tijd nodig hebben en verdeel dat als huiswerk onder de groepsleden. Vul het logboek in!
|
LES 3: SPEL AFMAKEN
STAPPEN VOOR DEZE LES:
1 Afmaken van het spel (30 min of meer)
A Spreek eerst af wie wat doet deze les en schrijf dat in het schema uit het logboek bij les 3.
B Ga aan het werk...
2 Oefenen met het spel (alleen als jullie tijd over hebben)
De volgende les gaan anderen uit de klas jullie spel spelen. Zorg ervoor dat alles klopt, de spelregels gemakkelijk en helder zijn zodat je klasgenoten het echt kunnen spelen. Bedenk dat zij ook jullie spel zullen beoordelen!
HUISWERK: Lees het beoordelingsformulier goed door, zodat je volgende keer een eerlijk cijfer kunt geven. Vul het logboek in. |
LES 4: SPELLEN RUILEN, SPELEN EN BEOORDELEN
STAPPEN VOOR DEZE LES:
1 Spellen verdelen (5 min):
In overleg met je docent worden de spellen geruild zodat elke groep een spel van een andere groep heeft.
2 Spellen spelen: (20 min):
A Laat een groepslid de spelregels voorlezen en ga na of iedereen het snapt.
B Kies een ander groepslid als spelleider en begin met spelen. Tip: Vul een gedeelte van het beoordelingsformulier al in voor zover je dat kunt. Dat scheelt straks tijd.
3 Spellen beoordelen (20 min):
A Laat weer een ander groepslid voorzitter zijn. Vul gezamenlijk het beoordelingsformulier in. Overleg als jullie het niet eens zijn.
B Vul het logboek in. |
IDEEËN BIJ HET ZOEKEN VAN GELUK- EN PECHSITUATIES:
Bij het verhaal: Het voorstel van broeder Paulus ( p.136-139) Denk aan:
- wel of geen oorlog (noem ook het volk waartegen oorlog wordt gevoerd)?
- gebruik voor- en nadelen van horigen/vrije boeren
Bij par. 1: Een boerendorp (p.140-143) Denk aan:
- opbrengst van land... (geluk of juist ongeluk? Noem aantallen zakken graan!)
- gebruik van het land (twee- of drieslagstelsel?) noem voordelen!
- er is markt....
- hoe het met je vee gaat...
- reparaties die je moet verrichten...
Bij par 2: Een standensamenleving (p.144-149) Gebruik:
- rechten van horigen (voor geluk)
- plichten van horigen (voor ongeluk)
Bij par. 3: Vrouwen en mannen (p.150-153) Denk aan:
- wat kan er misgaan bij de taken van een vrouw als hoofd van de huishouding?
- Het sluiten van een huwelijk bij adel...
- erfenis als adellijke dochter met broers, of juist zonder broers!
- verliefdheid van boeren op iemand van ander landgoed...
Bij par. 4: Het klooster (p.154-159) Denk aan:
- iemand die wordt opgenomen in een klooster, hoofd wordt of juist wordt geweigerd
- monniken die op reis gestuurd worden om christendom te verspreiden
- wat geestelijken kon overkomen als ze ruzie kregen met heidenen...
- iemand die naar klooster gestuurd wordt door ouders...
het krijgen van een boek voor de bibliotheek van het klooster
Bij par. 5: Heren en vazallen (p.160-165) Denk aan:
- rechten van vazallen voor de gelukssituatie
- plichten van vazal voor pechsituatie
- trouw of juist ontrouw aan een leenheer.
-oorlog of juist een periode zonder oorlogen
Bij par. 6: Ridderverhalen (p.166-167) Denk aan:
- het kopen van een goede ridderuitrusting (noem ook de prijs!)
- roofridders in de buurt!
- het lot van voetvolk in een oorlog...
- het gevangen nemen van een ridder en het losgeld wat je daarvoor krijgt
- het gevangen genomen worden als ridder...
- vrijgekocht worden als gevangen ridder...
Bij par. A: Schaarste en overvloed (p.170-171) Denk aan:
- bevolkingsgroei
- het kappen van bos, droogleggen van moeras voor landbouw
- de uitvinding van een betere ploeg
- misoogsten
- het weer onder water lopen van drooggelegd moeras
Bij par. B:De Vikingen (p.172-175) Denk aan:
- een aanval van de Vikingen (beschrijf ook de gevolgen)
- het verjagen van de Vikingen
- Friezen die zich bij de Vikingen aansloten
Bij par. C: Hoe de wetenschap bleef bestaan (p.176-177) Denk aan:
- het stichten van een school
- cijfers die je haalt bij de taalstudie (noem ook de vakken!) en aan het straffen van leerlingen op een kloosterschool (zie afbeelding 52 op p. 177)
Bas van der Meijden